Die vervloekte helling.

De Kapel op de heuvel, beter bekend als de Muur van Geraardsbergen is weer terug in Vlaanderens mooiste. Tientallen jaren, honderden coureurs beten er hun tanden op stuk op de kasseien en het hellingspercentage van soms wel 20%.  Vele demarrages op deze beroemde Belgische “berg” waren vaak een voorbode van de winnaar, het monument van de vele koersen bij onze zuiderburen. De Kapel-Muur is/was eigenlijk het symbool van de RvV, waarbij vaak chaotische taferelen te zien waren. Renners die van de fiets af moesten, renners die in elkaar verstrikt raakten, kortom een lijdensweg voor velen.

Ondanks vele protesten van wielerliefhebbers, kranten, officials, noem maar op werd (destijds) in 2011 voor de laatste maal “de pukkel” beklommen. Heden ten dage is deze “valserik” (ook) opgenomen in de Binck banktour (vroegere Eneco tour), vaak bij de laatste etappe. Zelfs de beste “berggeit” in het peloton heeft moeite om deze onheilspeller te bedwingen, alleen krachtpatsers overleven dit obstakel. Vandaag de dag zijn het de recreatieve pedaleurs die het een must vinden om de Muur op hun palmares te hebben staan en niet alleen 1 keer, neen diverse malen.  Deze Muur is daardoor wellicht nog beter bekend dan die muur daar in China, of die van, intussen afgebroken, daar in Berlijn.

Toen de Muur werd weggenomen uit de RvV spraken de media van een amputatie van de Ronde, de nostalgie verdween, de boeken konden worden gesloten. De ziel van deze mooiste koers werd weggenomen, de scherprechter werd “veroordeeld” tot levenslange verbanning, de koers was op sterven na dood. De Vlaamse klassieker werd onthoofd, de populairste wedstrijd in Vlaanderen op wielergebied verloor haar folklore, de staminees in het dorp zouden leeg blijven. Het was tenslotte maar een onderdeel van de vele heuvels in het Vlaamse landschap, dus zo erg zou het toch niet zijn? Het stoempen op de kasseien van Parijs-Roubaix was/is toch van een groter gehalte als dat overdreven gedoe op een “zandhoop” daar in Geraardsbergen!

Van Wijnendaele, de stichter van de RvV zou zich omdraaien in zijn graf, het verdwijnen van de Muur zou het boek “Het grote verdriet van België ” (Hugo Claus) overtreffen. Acceptatie van het verdwijnen van dit product zou als een ware zelfmoordpoging worden gezien, de rechtstreekse t.v. uitzendingen zouden het commerciële overvleugelen. “Business as usual” klinkt het tegenwoordig, ook op wielergebied, geld speelt een veel te grote rol is de vaak gehoorde stem langs de kant van wielerparkoersen.

En dus geschiedde het dat de Muur in de vergetelheid raakte, alhoewel er vaak ook nog wel wat manifestaties worden gehouden, maar de VIP-tenten, de renners, de biertenten, waren verdwenen. Het was er stil tijdens de Ronde, de geur van massageolie was verdwenen, het afzien op de kasseien van zwetende, ploeterende pedaalridders was in de geschiedenisboeken opgenomen.

Kampioenen zouden deze vervloekte helling niet meer nemen, tienduizenden wielerliefhebbers hadden deze “Groote Oorlog” tot herstel verloren. De pastoor in de kapel, boven op de “berg”kon zijn klok op zondag of tijdens een dienst wel blijven luiden, maar de uitstraling ervan was “zeer goedkoop”. De Alpe d’Huez van Vlaanderen was niet meer, de monumentale gedachte van de Muur was slechts nog in de boeken van weleer te vinden. De televisie was de grote winnaar geworden van de wielersport, immers thuis bij de buis, onder het genot van een drankje en chips, is alles te volgen, vaak van start tot finish. Voor de profploegen is het een ware verbetering geworden, want zelfs de minst sterke ploeg komt in beeld en krijgt daarmee een fantastisch reclamebord voor de sponsoren.

Net zoals de dag van vandaag geldt ook hier dat de modernisering in de sport voortgang vindt, het commerciële doel viert hoogtij. De hang naar nostalgie voelde tijdens de teloorgang van de Muur bij de miljoenen Vlamingen als een soep zonder ballen. Echter de jaren verstrijken en de RvV heeft zijn toekomst weer gevonden, de Muur was als een nachtkaars uitgegaan, het in rep en roer zijnde Vlaamse volk was gaan zwijgen, er gaan tenslotte wel meer bergjes in de voorjaarsklassiekers “naar de Filistijnen”.

En laten we eerlijk wezen, een cultureel erfgoed is de Muur eigenlijk niet (geworden). Immers niet bij alle RvV’s was dit spektakelstuk opgenomen in het parkoers, pas in de tachtiger jaren verrees deze “molshoop” in de klassieker.

Al met al kan geconcludeerd worden dat Vlaanderens mooiste, niet alleen hieruit bestond, maar dat al die honderden kilometers heuvel op, heuvel af zijn.

Verandering van spijs doet ook hier goed eten, de romantiek van het wielrennen blijft gestand al zijn niet alle aanpassingen een verbetering. Het sportieve hoogtepunt blijft toch altijd de wedstrijd zelf, of dat nu op de Muur of op de La Redoute gebeurt, dat zijn slechts symbolen, niet meer niet minder.

Hans Meesters

 foto:Sporza.be